Om je tanden eens lekker in te zetten
Rood kleurend flosdraad, pijn bij het eten en drinken van koude of warme voedingsmiddelen, blootliggende tandhalzen en pijnlijk, rood tandvlees zijn kenmerkende tandvleesontsteking symptomen van ontstoken tandvlees (gingivitis). Gingivitis is de meest voorkomende oorzaak van teruggetrokken tandvlees, ook wel gingivarecessie genoemd. Wat is het verschil tussen tandvleesontsteking en parodontitis? Kort gezegd: gingivitis is een oppervlakkige tandvleesontsteking, terwijl parodontitis dieper gaat en het steunweefsel en kaakbot aantast.
Tandvleesaandoeningen zijn bacteriële en inflammatoire aandoeningen die kunnen leiden tot het verlies van parodontaal weefsel. Tandplaque, dat uit verschillende bacteriën bestaat, is aanleiding voor het ontstaan van gingivitis. Mogelijke oorzaken van tandvleesaandoeningen zijn te hard poetsen (poetstrauma), een slechte mondhygiëne, het dragen van een beugel, een candidainfectie (spruw), zwangerschap, geneesmiddelengebruik en vitaminegebrek. De oorzaak van parodontitis is meestal een onbehandelde of persisterende tandvleesontsteking die dieper doordringt in pockets, waardoor weefsel en bot afbreken. Vaak wordt dit veroorzaakt door roken, diabetes en slechte mondzorg.
Wanneer tandvleesontstekingen (gingivitis) aantasting en afbraak van het kaakbot veroorzaken, ontstaat parodontitis. Het tandvlees trekt zich terug, tandhalzen komen bloot te liggen en tanden en kiezen kunnen uiteindelijk verloren gaan. Grotere pockets onder het tandvlees zijn moeilijk te reinigen en kunnen de ontsteking in stand houden. Is parodontitis erger dan tandvleesontsteking? Ja: tandvleesontsteking en parodontitis verschillen doordat de laatste onomkeerbaar weefselverlies en mogelijk tandverlies veroorzaakt.
Tandvleesontsteking en parodontitis in het bijzonder, blijken onafhankelijke risicofactoren voor het ontstaan van hart- en vaatziekten en, tijdens de zwangerschap, voor vroeggeboorte, laag geboortegewicht en pre-eclampsie. Epidemiologische associaties zijn daarnaast beschreven met diabetes, osteoporose, luchtwegaandoeningen, artritis, verschillende vormen van kanker, erectiestoornissen, nierziekten en mogelijk zelfs de ziekte van Alzheimer. Oorzaak-gevolgrelaties blijven echter moeilijk vast te stellen. Het verschil tussen gingivitis en parodontitis blijft daarbij klinisch relevant: adequate behandeling in het vroege stadium kan progressie naar parodontitis beperken.
Risicogroepen
De volgende groepen hebben vaker te maken met tandvleesontsteking en parodontitis:
- Mensen uit een laag sociaaleconomisch milieu
- Kinderen en kwetsbare ouderen
- Mensen met onderliggende medische aandoeningen, zoals diabetes mellitus
- Mensen met immuungecompromitteerde aandoeningen, waaronder kanker, een transplantatie of reumatoïde artritis
- Mensen die lichamelijk inactief zijn, roken of een ongezond voedingspatroon hebben
- Mensen met obesitas of het metabool syndroom
Bijna 40% van de mensen met het metabool syndroom blijkt ook parodontitis te hebben. Het is nog onvoldoende duidelijk wat bij deze associatie oorzaak en gevolg is, maar het onderstreept wel het belang van het vroeg herkennen van tandvleesontsteking, symptomen en het begrijpen van het verschil gingivitis en parodontitis.
Drie stadia van tandvleesontsteking
- Gingivitis. Bij het tandenpoetsen ontstaat op een of meerdere locaties rond gebitselementen een bloeding door tandplaque. Er kan een pocket ontstaan waarin ontstekingsweefsel zich ophoopt.
- Beginnende parodontitis. Meerdere ontstoken pockets bloeden snel. De pocket is verdiept en het kaakbot waarin de tand of kies vastzit neemt af. Meestal is er geen pijn. Het risico op tandverlies neemt toe vanaf beginnende parodontitis, en is groter bij gevorderde stadia.
- Gevorderde parodontitis. Bij gevorderde parodontitis is er meer dan een derde verlies van steunweefsel ten opzichte van de wortellengte. De pockets zijn ontstoken en bloeden snel. Botverlies kan op termijn leiden tot verlies van tanden of kiezen. De behandeling voor ernstig ontstoken tandvlees bij parodontitis omvat professionele gebitsreiniging (scaling en rootplaning), verbeterde mondhygiëne, risicoreductie (zoals stoppen met roken) en in ernstige gevallen parodontale chirurgie. Antibiotica kunnen aanvullend worden ingezet.
Een stadium 4 parodonditis zou overeenkomen met zeer gevorderd bot- en weefselverlies.
Samengevat: wat is het verschil tussen tandvleesontsteking en parodontitis? Gingivitis is reversibel en beperkt tot het tandvlees; parodontitis is dieper, veroorzaakt botafbraak en kan zonder behandeling tot tandverlies leiden.
Belang van de mondmicrobiota
De mondmicrobiota speelt een belangrijke rol in het plaatselijke immuunsysteem. Tandplaque bevat een complexe bacteriële biofilm die zich onder het tandvlees, op het worteloppervlak en in de pocket kan vormen. Mogelijke veroorzakers van parodontitis zijn Actinobacillus actinomycetemcomitans, Treponema denticola, Porphyromonas gingivalis en Prevotella intermedia.
Een belangrijk behandeldoel is het verminderen van pathogene bacteriën, zodat de balans kan worden hersteld. Probiotica kunnen mogelijk een rol vervullen. Toediening van Lactobacillus reuteri in een zuig- of kauwtablet kan bijvoorbeeld leiden tot vermindering van de pocketdiepte. Suiker heeft een negatief effect op de mondmicrobiota en kan gingivitis verergeren.
Nutriënten ter ondersteuning van het tandvlees
Een goede mondhygiëne is het belangrijkst voor gezond tandvlees. Bij parodontitis is in feite sprake van een wond, waardoor een goed werkend immuunsysteem belangrijk is. Diverse nutriënten kunnen daarbij een rol vervullen.
Vitamine D
Vitamine D speelt een rol bij ontstekingen, het immuunsysteem en de botvorming. In gebieden in de mond met de hoogste concentraties vitamine D werd 20% minder bloeding beschreven dan in gebieden met de laagste concentraties. In cross-sectioneel onderzoek hadden mensen die dagelijks minimaal 10 microgram (400 IE) vitamine D en 1.000 mg calcium suppleerden onder meer minder diepe pockets, minder bloedingen en minder verlies van kaakbot.
Essentiële vetzuren
Gamma-linoleenzuur (GLA), onder andere afkomstig uit borageolie, heeft anti-inflammatoire eigenschappen. Een studie beschreef dat borageolie gingivitis sterker verminderde dan visolie. Omega-3-vetzuren moduleren inflammatoire routes. In het aangehaalde onderzoek ging 900 mg DHA en EPA in combinatie met een lage dosis aspirine na zes maanden samen met minder gingivale pockets en 25% minder ontstekingshaarden.
Vitamine C
Vitamine C is betrokken bij collageensynthese, wondgenezing, het immuunsysteem en de antioxidatieve bescherming van weefsels. Lage vitamine C-waarden worden geassocieerd met parodontitis, vooral bij rokers. Een inname onder 30 mg per dag lijkt gerelateerd te zijn aan 30% méér kans op parodontitis dan een inname boven 180 mg vitamine C per dag. Bij mensen met type 2 diabetes en gingivitis verbeterde suppletie met 450 mg vitamine C per dag de ontsteking van het tandvlees.
Foliumzuur
Foliumzuur is betrokken bij de DNA-synthese en celdeling en kan daardoor een rol spelen in het genezingsproces. Er is een significante associatie aangetoond tussen foliumzuurinname en bloeden van het tandvlees na sonderen. Een lage foliumzuurconcentratie wordt bovendien geassocieerd met parodontitis op hogere leeftijd.
Curcuma longa
Curcuma longa heeft anti-inflammatoire, antioxidatieve, antimicrobiële en immuunstimulerende eigenschappen. Een mondspoeling van curcuma verminderde in een onderzoek het aantal bacteriën in de mond en kan mogelijk preventief werken tegen plaquevorming en gingivitis. Ook toepassing als pasta lijkt gerelateerd aan een geringere pocketdiepte en verbetering van inflammatoire symptomen.
Conclusie
Hoewel de gunstige effecten van vetzuren, vitamine C, foliumzuur en Curcuma longa in meer klinisch onderzoek en meta-analyses bevestigd moeten worden, zijn de resultaten veelbelovend. In combinatie met een goede poetstechniek, mondhygiëne en een gezond voedings- en leefpatroon kunnen deze nutriënten een rol vervullen bij de preventie van tandvleesaandoeningen. De kern: let op symptomen van tandvleesontsteking, ken het verschil tussen gingivitis en parodontitis, pak de oorzaak van parodontitis aan en zoek tijdig professionele behandeling om tandverlies in latere stadia te voorkomen.